Hoe goed kun jij met tegenvallers omgaan?


Ik ga een bekentenis doen.


We hebben iets nieuws gekocht. Iets leuks. Iets waar ik héél graag gebruik van wil maken.


Alleen kan dat nog niet.


Er zijn een paar tegenvallers. Ik zal jullie de details besparen, maar dingen lopen anders dan gehoopt en vooral: langzamer dan ik had bedacht.


En dat vind ik irritant.


Ik ga graag snel. Als ik iets wil, kom ik in beweging. Dus als iets vervolgens langzaam gaat, merk ik dat behoorlijk snel aan mezelf.


Je zou kunnen zeggen: dit is conflictpotentieel.


En in het kader van practice what you preach ben ik me daar natuurlijk wel van bewust.


Vanmorgen liep ik met de hond en dacht ik ineens: hoe ga ik eigenlijk om met tegenvallers?


Want die irritatie voelde ik inmiddels behoorlijk.


Inmiddels herken ik dat eerder en ken ik mezelf beter.


Vroeger ging ik op momenten als deze jagen. Bellen. Nog een keer bellen. Er bovenop zitten.


Met als gevolg dat ik vooral mezelf in de weg zat. En soms waarschijnlijk ook de ander.


Nu herken ik beter wat er gebeurt.


Ik wil vooruit, terwijl de werkelijkheid zegt: nog even wachten.


En dat vraagt van mij iets waar ik van nature iets minder talent voor heb: een pas op de plaats maken en geduldig zijn.


Want als ik op zo’n moment direct mijn impuls zou volgen, krijg ik gegarandeerd ruzie met de meneer van de desbetreffende instantie. En die kan er tenslotte ook weinig aan doen.





Een potje ruziemaken vind ik op zichzelf geen ramp, maar dan natuurlijk wel graag constructief.


Dus na mijn wandeling heb ik geluisterd. Gevraagd wat er daadwerkelijk aan de hand was. Wat er nodig was. Wat ik zelf kon doen. En daarmee kon ik de volgende stap zo effectief mogelijk zetten.


De situatie was daarna nog steeds precies dezelfde.


Ik ging er alleen anders mee om dan ik een paar jaar geleden zou hebben gedaan.


En dat ik het nog steeds irritant vind?


Dat is vooral informatie voor en over mij. Een reminder, in mijn geval.


Irritatie is vaak het begin


Dat vind ik interessant aan emoties. Een emotie geeft informatie.


Irritatie ontstaat bijvoorbeeld vaak wanneer iets of iemand je uit je eigen ritme haalt. Je hebt een verwachting over hoe iets zou moeten verlopen en de werkelijkheid beweegt een andere kant op.


Iets of iemand doet het anders dan jij zou doen of willen.


En soms werkt het precies andersom. Iemand doet iets waarvan jij ergens best weet dat jij het óók zou moeten doen, of wat misschien zelfs beter voor je zou zijn, maar je doet het niet. Ook die confrontatie kan irritatie oproepen.


Bij mij is het in dit geval vrij simpel. Ik wil vooruit en iets houdt me tegen.


En misschien nog belangrijker: ik voel me daarin afhankelijk van de ander.


Op zichzelf is irritatie helemaal niet zo ingewikkeld.


Je merkt iets op. Hé, dit vind ik irritant. Dit gaat anders dan ik wil.


De vraag is vervolgens: wat doe je ermee?


Want wanneer irritaties blijven terugkomen en je er niets mee doet, kunnen ze zich opstapelen. Dan ontstaat ergernis.


Er komt iedere keer een klein beetje bij.


Die collega die alweer zijn afspraak niet nakomt. Je partner die voor de zoveelste keer iets laat liggen. Een instantie die je opnieuw van het kastje naar de muur stuurt.


Ergernis heeft meer lading dan irritatie.


Je merkt dat je steeds sterker wilt dat de ander iets verandert.


En daar gebeurt iets interessants.


Want hoe meer jouw gemoedstoestand afhankelijk wordt van het gedrag van de ander, hoe meer je je eigen kracht uit handen geeft.


Dat is een mooi moment om niet alleen naar de ander, maar ook naar jezelf te kijken.



En dan is er ongeduld


Ongeduld voel ik heel duidelijk wanneer mijn energie vooruit wil en de buitenwereld vertraagt.


Ik weet waar ik heen wil. Ik heb er zin in. Ik ben er klaar voor.


Alleen de rest van de wereld blijkbaar nog even niet.


Ongeduld gaat voor mij daarom ook over invloed en controle.


Waar kan ik iets doen? Waar kan ik een (andere) route kiezen?


En waar heb ik te verdragen dat iets simpelweg tijd nodig heeft?


Wanneer ik dat onderscheid niet maak, ga ik forceren.


En forceren roept meestal weer iets op bij de ander.


Daar heb je je conflict.


No problem. Alleen wel handig als je dan weet wat je ermee moet doen.


Constructieve conflicten 


Al wandelend moest ik vanmorgen ook denken aan mijn motorrijbewijs.


Ik wilde heel graag motorrijden.


Ik zakte voor mijn rijbewijs.


Balen.


Toen zakte ik nog een keer.


En nog een keer.


Ondertussen stond die motor in de schuur te pronken. Ik had hem namelijk al gekocht. Ik mocht er alleen naar kijken.


Ook leuk, maar daarvoor had ik hem natuurlijk niet gekocht.


Ik herken hetzelfde gevoel van toen nu weer.


Je wilt iets heel graag. In je hoofd ben je al een paar stappen verder. En dan zegt het leven: ho eens even.


Toen ik uiteindelijk mijn rijbewijs haalde en mijn eerste rondje op die motor reed, waren de emoties van irritatie en ongeduld trouwens verrassend snel verdwenen.


Ook dat vind ik mooi aan emoties.


Ze komen. Ze vertellen iets. En ze gaan ook weer.


Dat zal nu ook wel weer gebeuren.


Ik kom mezelf steeds beter tegen


Hoe ouder ik word, hoe beter ik begin te herkennen op welke momenten ik mezelf tegenkom.


Ik ben snel. Ik denk snel. Ik handel snel. Als ik iets wil, kom ik in beweging.


Mijn kinderwagen kocht ik (ruim 21 jaar geleden) ook al op Marktplaats voordat ik zwanger was.



Die snelheid heeft me veel gebracht. Maar zoals met bijna iedere kwaliteit heeft ook deze een keerzijde.


Gedrevenheid en daadkracht horen bij mij. En wanneer de realiteit langzamer beweegt dan ik, heb ik soms even te schakelen.


Dat zegt vooral iets over mij.


Over mijn ritme. Mijn verwachtingen. Mijn behoefte en over wat voor mij belangrijk is.


Hoe belangrijker iets is, hoe meer het raakt


Dat zie ik ook voortdurend terug in conflicten.


We krijgen meestal geen enorme ruzie over iets wat ons werkelijk niets kan schelen.


Hoe belangrijker iets voor je is, hoe meer energie erop zit.


Je wilt iets. Je verwacht iets. Je hoopt ergens op. Misschien ben je bang om iets kwijt te raken.


En daar komen emoties in beweging.


Misschien is dat wel een van de belangrijkste dingen die ik door de jaren heen over conflicten heb geleerd: een sterke emotie vertelt iets over wat voor jou belangrijk is niet over wat de ander fout heeft gedaan.



En dat is een wezenlijk verschil.


Ik ben er stiekem best trots op dat ik door de jaren heen de veerkracht heb opgebouwd om daarin mee te bewegen. Om eerder te herkennen:


Ah ja. Daar ben ik weer. Of beter gezegd: daar is dat stukje van mij weer.


Dit raakt me.


En dan te onderzoeken: wat kan ik met deze energie doen?

Want je kunt haar ook constructief gebruiken.


Bijvoorbeeld door een vraag te stellen. Of door uit te zoeken wat er werkelijk speelt. Door een andere route te zoeken. Door te kijken waar je wél invloed op hebt.


Of soms gewoon door eerst een rondje met de hond te lopen voordat je de desbetreffende instantie belt. Dat laatste kan ik uit ervaring inmiddels van harte aanbevelen.


Vind je het leuk om hierover te lezen? Ik schreef er een heel boek over: Jij Begon!